3.6 De menselijk ziel is een vonk van Gods leven, evolueert en keert terug in het Al

 

-Miljarden jaren geleden is ons Universum uit de Albron, de Goddelijke Almoeder geboren.
Bij deze “oerknal” verdeelde deze energie zich en hieruit ontstonden sterren en planeten, waarop de mens en al het leven als cel-leven uit de Godsvonken ontstonden en begonnen te evolueren.

-Het zichtbare Universum om ons heen: mensen, dieren, natuur, water, rotsen, sterren en  planeten, is een stoffelijke manifestatie van die enorme Intelligentie die wij mensen God noemen. Daarnaast is er ook nog het astrale, onzichtbare Universum. Dit alles is God.

-Wij mensen zijn als vonk van Gods leven uit de Albron geboren en het is de bedoeling dat wij ons zodanig  ontwikkelen dat wij uiteindelijk weer terug kunnen keren in het Goddelijk Al.
Hiervoor heeft God voor de mens het Universum geschapen. De mens als Goddelijke vonk moet zich ontwikkelen en zich het Universum, zichtbaar en onzichtbaar eigen maken.

Dat kan alleen door evolutie, zowel op stoffelijk  alsook op geestelijk niveau. Ten behoeve van dit evolutieproces reïncarneert de menselijke ziel steeds weer in nieuwe lichamen en nieuwe levens.

Het Genootschap Hemelse Wijsheden